Ondernemer in beeld
Hoe het verleden je kan vormen, als mens en als ondernemer
Bos Sloopwerken B.V.
-
Rob Bos

In 2019 startte Rob Bos zijn eigen onderneming onder de naam Bos Sloopwerken. Wat begon als een zelfstandig avontuur groeide uit tot een sloopbedrijf met een team van negen mensen. De werkzaamheden reiken inmiddels veel verder dan domweg de sloopkogel hanteren. Het bedrijf onderscheidt zich door maatwerk, meedenken en het vinden van oplossingen, altijd met oog voor planning en deadlines. Die aanpak werpt zijn vruchten af: Bos Sloopwerken draait goed en geniet het vertrouwen van zijn opdrachtgevers. Toch blijft Rob daar nuchter onder. “Ik ben eigenlijk helemaal geen echte ondernemer”, zegt hij openhartig. “Dit werk is niet iets wat ik jarenlang heb uitgestippeld. Het kwam op mijn pad, na wat omzwervingen.” Het bijzondere verhaal van Rob Bos.
Toen Rob van de middelbare school kwam, De Waerdenborch in Holten, wilde hij het avontuur tegemoet, iets van de wereld zien. Het leven beleven als een soort jongensboek. Dus besloot hij zich aan te melden bij het Korps Mariniers in Rotterdam. Zijn aanmelding liep aanvankelijk vertraging op; hij werd tijdelijk afgekeurd omdat hij het vereiste minimumgewicht van 65 kilo niet haalde. Met een bepakking en uitrusting van zo’n 25 kilo was dat geen overbodige eis. Na zes maanden opleiding vervolgde hij zijn weg naar Doorn, waar hij werd geplaatst bij de operationele eenheden. Daarmee kwam ook de mogelijkheid van uitzending dichterbij. In 2003 was het zover en vertrok Rob naar Irak als onderdeel van de Stabilisation Force. “Dat was een mooie tijd”, blikt hij terug. “Het was daar niet extreem heftig, er was geen constante dreiging en we hadden veel vrijheid. Ik heb echt genoten van die periode.” Later zou dat beeld veranderen.
“Ik besefte dat ik als marinier moest stoppen, met name voor mijn kinderen”
Afghanistan: de omslag
In 2004 kwam Rob terug uit Irak, waarna hij bij Defensie de opleidingen tot Militair ski-instructeur en parachutist succesvol afrondde. Zijn tweede uitzending volgde in 2006, naar Afghanistan, om de stabiliteit tijdens de verkiezingen aldaar te kunnen waarborgen. Gelukkig verliep deze uitzending voor hem ook relatief rustig. In 2009 werd hij wederom naar Afghanistan uitgezonden. Intussen als ‘sniper’. “Tijdens deze missie raakten twee van mijn direct collega’s zwaar gewond. Een van hen zat van zijn nek tot aan zijn enkels vol met scherven, alleen waar zijn kogelwerend vest had gezeten bleef hij ongeschonden. Mijn andere collega reed in het voertuig voor mij op een bermbom. Zijn kaak was op vier plekken gebroken, zijn enkel verbrijzeld en zijn onderbeen moet hij missen. Tijdens de gehele uitzending lagen we wekelijk onder vuur door klein kaliber wapens en raketten. Twee weken na terugkomst in Nederland is een andere collega van mij daar om het leven gekomen door een bermbom. Hij liet een vrouw en twee jonge kinderen alleen achter. Het was voor mij een keerpunt en er waren genoeg redenen voor mij om niet nog vaker uitgezonden te willen worden. Zeker omdat mijn vrouw en ik ook de wens hadden een gezin te stichten.”
Omscholing tot duiker: traumatische ervaring
Na zijn uitzending moest Rob op zoek naar een andere manier om in zijn onderhoud te voorzien. Het liefst binnen Defensie, zonder het risico van een uitzending. Hij wilde graag beroepsduiker worden. “Ik zag mezelf wel op de zeebodem werken”, vertelt hij. Die gedachte bracht hem naar de duikschool van Defensie in Den Helder, waar hij zijn beroepspapieren behaalde. Rob bleef er werken en werd onder meer ingezet voor justitie, bijvoorbeeld bij het opsporen van stoffelijke overschotten, wapens en telefoons. Uiteindelijk kwam hij terecht in een diepduikteam dat tot 81 meter mocht duiken. Het werk was zwaar en zeker niet zonder risico. Hij maakte indrukwekkende en ingrijpende situaties mee, zoals het bergen van kinderen die onder het ijs waren terechtgekomen. “Ik zal dat kinderhandje dat ik onder het ijs vandaan haalde nooit vergeten.” Zes jaar lang deed hij dit werk, tot een oefening op Curaçao alles veranderde. Tijdens een duik verdronk een collega. “We hebben haar niet meer kunnen redden”, zegt Rob. “Dat brak me, helemaal toen ik later in de krant foto’s zag waarop we haar aan het reanimeren waren.” Vanaf dat moment ging het bergafwaarts. Rob ontwikkelde PTSS en werd bang onder water. Die angst werd versterkt toen hij met de KNRM, vlak na het ongeval op Curacao, werd ingezet op de Noordzee, op zoek naar een neergestort vliegtuigje. Na drie dagen werd het slachtoffer gevonden. Het bergen vond plaats begin januari, in ijskoude omstandigheden, met hoge golven en in volledige duisternis. “Ik kwam daar zelf niet meer overheen”, vertelt hij. “Vanaf dat moment ging ik elke duik in met angst.” Ook boven water liet het zijn sporen na. Rob sliep slecht, was snel geïrriteerd en leefde vooral in een constante overlevingsstand. Hij zocht hulp bij een psycholoog van Defensie. “Van de grote, stoere Rob was toen nog maar weinig over.” Hoewel hij nog kort overwoog om bij de Explosieve Opruimings Dienst te gaan werken, stak zijn commandant daar een stokje voor. Uiteindelijk nam Rob op zijn vijfendertigste de moeilijkste beslissing van zijn leven: hij stopte bij Defensie, na bijna achttien jaar dienst.

Een nieuw begin als sloper
Voor Rob brak een nieuwe fase aan. Na zijn tijd bij Defensie ging hij op zoek naar werk dat niet alleen bij hem paste, maar ook dichter bij huis lag. Hij wilde er vaker kunnen zijn voor zijn kinderen. De diploma’s die hij had, waren vooral defensiegericht en boden weinig aanknopingspunten voor een burgerfunctie. Toch liet hij zich daar niet door tegenhouden.
Hij kwam terecht bij RGS, een gebouwensloper uit Rijssen. Daar waren geen specifieke papieren vereist, maar het werk was totaal anders dan wat hij tot dan toe had gedaan. Dat vroeg om een flinke aanpassing. Rob pakte het met beide handen aan en vond zijn plek. Hij had het naar zijn zin en werkte er anderhalf jaar. Toen bleek dat zijn persoonlijke visie niet langer aansloot bij die van de organisatie , besloot Rob het ondernemerschap in 2019 te omarmen. De overstap naar het ondernemerschap verliep niet abrupt. RGS huurde hem in eerste instantie in om een lopende klus in Den Haag af te ronden. Tegelijkertijd begon Rob zelf opdrachten aan te nemen. Stap voor stap groeide zijn bedrijf. Wat begon als zelfstandig werk, ontwikkelde zich tot een onderneming met een constante stroom aan eigen projecten. Inmiddels werkt hij samen met vaste opdrachtgevers, zet hij medewerkers in bij onder andere Lagemaat in Heerde en voert hij werkzaamheden uit voor verschillende bouwbedrijven. Ook landelijke ketens, zoals Action, behoren inmiddels tot zijn klantenkring.
De grote fout: het beklimmen van de Kilimanjaro
Toch begon het zo’n twee jaar geleden opnieuw te knagen. Hoewel zijn bedrijf goed liep, bleef Rob twijfelen. “Zoals ik al zei: ik ben eigenlijk geen ondernemer in hart en nieren. Het is op mijn pad gekomen”, vertelt hij. “Ik vroeg me af wat ik nu echt wilde. Of ik wel een goede ondernemer kon zijn en of ik van mijn personeel dezelfde mentaliteit mocht verwachten.” Die vragen lieten hem niet los en brachten hem tot een besluit: hij moest er even helemaal uit. Rob vertrok naar Afrika met een groot doel voor ogen. Hij wilde de Kilimanjaro beklimmen en stelde zichzelf zelfs een ambitieuzer plan: vóór zijn vijftigste de hoogste bergtoppen van alle vijf continenten bereiken. Maar die droom viel al snel in duigen. Tijdens de klim kreeg hij te maken met ernstige hoogteziekte. “Dat is verschrikkelijk”, zegt hij. “Uiteindelijk kon ik niet meer lopen. Met nog negenhonderd hoogtemeters te gaan moest ik stoppen en werd ik door de gids naar beneden gesleept.” Via FaceTime wist hij contact te leggen met zijn vrouw Kim, die direct de organisatie inschakelde. Pas na herhaald aandringen werd Rob van de berg gehaald met een traumahelikopter. Verdere hulp bleef uit; er kwam geen arts aan te pas. Toch wist hij vanuit het hotel terug te vliegen naar Nederland, waar hij direct in het ziekenhuis werd opgenomen. Daar bleek hoe ernstig de situatie was: Rob had zowel zware long- als hersenoedeem. “Ik kon echt helemaal niets meer.”
“Als mens val je en sta je weer op en als ondernemer ook”
Veel geleerd van het verleden
Toch stond Rob er niet alleen voor. “Ik had mijn eigen bedrijf”, vertelt hij. “Mijn vrouw en mijn personeel namen het tijdelijk over en samen hebben we het bedrijf overeind gehouden.” Dat besef betekent veel voor hem. Hoewel hij nog steeds de gevolgen voelt van zijn bergavontuur - en daar ook oprecht spijt van heeft - gaat het inmiddels redelijk goed. Hij is weer aan het werk en kijkt met een andere blik naar zichzelf en naar zijn rol als ondernemer.
Zijn ervaringen hebben zijn kijk op mensen en samenwerken veranderd. Rob merkt dat de mentaliteit van jongere generaties anders is dan wat hij gewend was. In plaats van strak aansturen, geeft hij zijn team meer ruimte voor eigen inbreng. “Ik ben daar zelf ook nog lerende in”, zegt hij nuchter. Alles wat hij heeft meegemaakt, heeft hem gevormd. Het verleden heeft hem gemaakt tot wie hij nu is, als mens én als ondernemer. “Als mens val je en sta je weer op”, zegt Rob. “En als ondernemer geldt precies hetzelfde. Ik moet eerlijk zeggen dat ik het ondernemen steeds leuker begin te vinden.”

Mooie klus in het gemeentehuis
En dat uit zich onder meer in de wijze waarop Rob de klus aanpakt in het gemeentehuis van Rijssen dat momenteel wordt gerenoveerd. “Ik werd hiervoor gevraagd door bouwontwikkelaar Averesch in Rijssen. En ik moet zeggen dat het prachtig en eervol werk is. Het is ook een kolfje naar onze hand, omdat het niet domweg slopen is, maar echt precisiewerk.” Juist dat aspect wil hij met Bos Sloopwerken verder uitbouwen. De focus ligt steeds meer op hoogwaardige renovatieklussen, niet alleen voor zakelijke opdrachtgevers maar ook voor particulieren. “Daar haal ik de meeste voldoening uit”, vertelt hij. Goede communicatie, zorgvuldig werken en precies uitvoeren wat is afgesproken staan daarbij centraal. “Snel, netjes en volgens de briefing, dat is waar wij voor staan.” Met die aanpak kijkt Rob vol vertrouwen vooruit. Bos Sloopwerken is klaar voor de volgende stap, met oog voor kwaliteit en samenwerking, ook met lokale bouwbedrijven.

